Back to Beginner (A1) stories

Unlock the Complete Learning Experience

You're reading free stories on our website. Get the mobile app for audio narration, speaking practice, vocabulary saving, personalised stories, instant translations, and progress tracking.

Download on the App StoreGet it on Google Play
Audio
Translations
Progress

De Verloren Rugzak

Beginner (A1)
5 min read

📖 You are reading the free text version. Get our mobile app for 🎧 audio narration, 💬 speaking practice, 🔄 instant translations, and 💾 vocabulary saving to enhance your learning experience.

Ik ben Jan, tien jaar oud. Vandaag ga ik naar het park met mijn rugzak. Mijn moeder gaf me een appel en een fles water mee.

In het park zie ik veel kinderen spelen. Ik wil een geheim plekje vinden. Ik loop naar achter, onder de bomen. Mijn rugzak valt van mijn schouder, maar ik merk het niet.

Een kleine vogel vliegt naar mijn rugzak. Het lijkt alsof hij wil spelen. Ik ga zitten en kijk naar de vogel, maar ik let niet meer op mijn rugzak.

Als ik weer wil lopen, voel ik mijn rug leeg. Waar is mijn rugzak? Ik begin te zoeken, maar ik zie hem nergens.

Ik word een beetje bang. Wat als iemand mijn rugzak pakt? Ik loop snel terug naar het plein. Daar zie ik een jongen met mijn rugzak. Hij kijkt ook naar mij.

De jongen lacht en zegt: "Ik vond je rugzak en liep ermee naar het plein." Ik voel me blij dat mijn spullen er nog zijn, maar ik weet niet wat ik moet zeggen.

Dan zegt hij: "Wil je samen spelen?" Ik knik en we rennen weg, zonder zorgen.

Die dag leer ik dat soms iets kwijt zijn niet eng is. Het kan ook een verrassend moment worden waarbij je niet weet wat er gebeurt. En soms is het gewoon oké om de tijd te nemen en te lachen.

Practise this Dutch story

Vocabulary in context

Important words and phrases

  • rugzak

    noun

    backpack

    Ik neem mijn rugzak mee.

    I take my backpack with me.

  • park

    noun

    park

    We spelen in het park.

    We play in the park.

  • appel

    noun

    apple

    Ik eet een appel.

    I eat an apple.

  • fles water

    noun phrase

    bottle of water

    Ik neem een fles water mee.

    I take a bottle of water with me.

  • kinderen

    noun plural

    children

    De kinderen spelen buiten.

    The children play outside.

  • spelen

    verb

    to play

    De kinderen spelen samen.

    The children play together.

  • zoeken

    verb

    to look for

    Ik zoek mijn rugzak.

    I am looking for my backpack.

  • bang

    adjective

    scared

    Ik ben een beetje bang.

    I am a little scared.

  • samen

    adverb

    together

    We spelen samen.

    We play together.

  • iets kwijt zijn

    phrase

    to be missing something / to have lost something

    Ik ben mijn tas kwijt.

    I have lost my bag.

Check your understanding

Comprehension questions

Choose an answer, check it, then move to the next question.

Question 1 of 3

  1. Question 1: current not answered
  2. Question 2: not answered
  3. Question 3: not answered
Waar gaat Jan naartoe?Where does Jan go?

Notice the language

Language notes

usage

kwijt zijn

Use kwijt zijn when something is missing or lost. It is very common with a person or thing you cannot find. You can reuse it with many nouns: 'Ik ben mijn sleutels kwijt.' In the story, the pattern appears as 'iets kwijt zijn'. This means you do not know where something is.

  • Ik ben mijn tas kwijt.

    I have lost my bag.

Keep reading

More Beginner (A1) Stories
DutchBeginner (A1)